“Het water staat me niet aan de lippen, maar over de lippen”, zegt Overmars. Ze vertelt bij Willy Tempelman, voormalig mantelzorger, aan tafel over de zelfhulpgroep waar ook Tempelman bij betrokken is.

“Dat is een hele fijne groep”, vindt Overmars. “We zitten dan met vijf of zes mantelzorgers bij elkaar in huis en gaan praten. We maken grote problemen klein en wel zo dat we er om kunnen lachen.” Zo’n groep is ‘heel belangrijk’, merkt ze op. “Je zit met gelijkgestemden en daarom begrijp je elkaar heel goed. Doordat zich er één open stelt, durven de anderen ook meer te zeggen.”