De beste plannen van Jan Blei waren altijd met goud omrand
ZWARTSLUIS - “Komt ie weer…”, mailde Jan Blei elke maandagavond als begeleiding bij zijn column voor De Stadskoerier Extra. Zijn laatste kwam binnen op zondagavond 18 april, een dag eerder omdat hij maandag voor een operatie naar het ziekenhuis moest. Naar nu blijkt zal dat ‘komt ie weer…’ nooit meer de mailbox binnenvallen. Jan Blei overleed vorige week.
Ondanks zijn ziekte hield hij met die eindigheid nauwelijks rekening, zo leek het voor de buitenwereld. Van weinig mensen ging zoveel levenslust uit. Plannen maken was voor Jan net zo vanzelfsprekend als ademhalen. Veel ideeën sneuvelden gaandeweg in zijn brein of tijdens de uitvoering, maar de brainwaves die overbleven waren vaak goud omrand. Van een fakkelvaartocht naar Beulake tot een compleet popfestival op Texel met muzikale helden uit de sixties en seventies. Jan was een Sluziger in hart en nieren, maar wél een dorpeling die zijn ogen wijd open had voor de rest van de wereld. Hij schreef even makkelijk over de schoonheid van een kievitsbloem als over de politieke ontwikkelingen in de Verenigde Staten. Na een column over de Grote Kolksluis kon je zomaar een betoog over de ruimtevaart of een ode aan The Cats binnenkrijgen. Over die Volendamse formatie ging zijn laatste column. Bij elke draaibeurt van het wonderschone Lea zullen de gedachten van veel Zwartewaterlanders vanaf nu naar Jan Blei uitgaan. In columns schuwde hij nooit de provocatie. Hij kon stevig van zich afschrijven en soms onnavolgbare standpunten innemen. Die scherpte stond in contrast met de vriendelijkheid en oprechte interesse in de persoonlijke omgang. Wellicht schrok hij zelf soms ook van zijn woorden. Niet zelden bleken de gedachten die hij ’s avonds aan Facebook toevertrouwde de volgende ochtend weer gewist.
Lees verder op pagina 3.