WATERBUS
Je doet wel eens gekke dingen. Zo stapten we vorige week op een zonovergoten middag op de waterbus tussen Sint Jansklooster en Blokzijl. Beetje gekke naam wel, je verwacht een beetje dat je een kaartje moet kopen en vervolgens op de knop drukt als je bij de halte van je bestemming bent.
De waterbus is gewoon een boot waarop je de fiets mag meenemen. Een vriendelijke vrijwilliger van Natuurmonumenten brengt je vervolgens naar Blokzijl of Giethoorn. Wij kozen voor Blokzijl vanwege de aantrekkelijke vaarroute. Onderweg passeer je verdronken dorp Beulake, Jonen en spot je bruine kiekendieven en visdiefjes.
“Net een openlucht museum…”, zei een man uit Arnhem die ook zijn fiets had geparkeerd op de waterbus. We waren nog geen vijftig meter vanuit het Bezoekerscentrum weggevaren of hij was samen met zijn echtgenote al zwaar onder de indruk. Toen ik om me heen keek, kon ik het alleen maar met hem eens zijn.
Je kunt gerust de wereld over reizen, maar veel mooiere plekken dan De Wieden ga je niet vinden. Ik snap al die Duitsers, Belgen, Italianen, Fransen en Chinezen wel dat ze naar onze regio afreizen. Verbazen doe ik me soms ook. Als ik door Giethoorn wandel, zie ik gezellig nationaliteiten op een terras zitten die elkaar in hun eigen land naar het leven staan. In De Wieden komen ze tot inkeer.
In Blokzijl stapten we van boord en dronken we een drankje bij het Mauritshuis. Dan kijk je uit op gevels uit de gouden eeuw en soms wat protserige toeristenboten. Via de sluis en de slingerdijk keerden we terug naar huis. Vol van het vakantiegevoel.
Ook wij stappen komende zomer, als de voorraad kerosine het toelaat, aan boord van een vliegtuig dat ons naar een warm oord brengt. Eigenlijk zijn we knettergek. Drie keer per week op de waterbus naar Blokzijl zou ook al een gouden vakantie opleveren.
GENASZ