
Jeugdbescherming Zwartewaterland op laagste niveau sinds gemeentelijke zorg
AlgemeenZWARTEWATERLAND - In Zwartewaterland kregen in 2024 in totaal 50 jongeren te maken met een jeugdbeschermingstraject. Dat blijkt uit voorlopige cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Dit is het laagste aantal sinds gemeenten in 2015 verantwoordelijk werden voor de jeugdzorg. Van deze jongeren stonden er 30 onder toezicht, en in 20 gevallen was er sprake van voogdij.
De daling in Zwartewaterland past binnen een landelijke trend: in heel Nederland ontvingen in 2024 naar schatting 34 duizend jongeren jeugdbescherming, het laagste aantal sinds de decentralisatie. In 2015 waren dat er nog bijna 45 duizend.
Ook binnen Overijssel is de afname zichtbaar. In de provincie kregen vorig jaar 3.195 jongeren jeugdbescherming, waarvan 2.365 onder toezicht en 830 onder voogdij. Met 50 trajecten neemt Zwartewaterland de 15e plek van de 25 gemeenten in.
Bij een ondertoezichtstelling blijven ouders verantwoordelijk voor hun kind, maar worden zij begeleid door een jeugdbeschermer. In het geval van voogdij draagt een voogd het volledige gezag. Deze maatregelen worden door de rechter opgelegd wanneer de veiligheid of ontwikkeling van een kind ernstig in gevaar komt.
Opvallend is dat het aantal jongeren in de jeugdreclassering landelijk wél toeneemt. In 2024 ging het om 8.200 jongeren, een stijging ten opzichte van 7.500 in 2022. Deze begeleiding is bedoeld voor jongeren van 12 tot 23 jaar die eerder met politie of leerplichtambtenaar in aanraking kwamen, en richt zich op het voorkomen van herhaling.
John van Weeghel















